Een vrouw ligt in het ziekenhuis bij de gynaecoloog in de bekende houding als er een man in een witte jas binnenkomt en eens goedkeurend tussen haar benen kijkt, even later komt er nog één en nog één. Als zij aan de vierde man vraagt wanneer ze nu eindelijk wordt geholpen, zegt de vierde man: ik zou het niet weten; wij zijn alleen de gang aan het schilderen