Jan komt Klaas tegen in de Kalverstraat, rijdend in een dikke Mercedes. "Nou," zegt Jan, "het gaat je goed zo te zien."
Zegt Klaas: "Ik mag niet klagen ik doe veel zaken in Zweden, Huskvarna, Smörebröd en alles wat los en vast zit in Zweden. Jan kijkt zo de auto rond en ziet achterin een bloedmooi goedgevuld mokkeltje zitten. Zegt Jan wijzend op het blondje: "Zweedse?"
Zegt Klaas: "Valt wel mee. Alleen onder haar armen een beetje."